
“Onze oorlog begon pas na de bevrijding”
wo 11 juni 2025 HardenbergVerhalen uit de gemeente Hardenberg. In 2025 is het 80 jaar geleden dat Nederland werd bevrijd. Dit is een belangrijk moment. We denken terug aan de oorlog en aan hoe belangrijk vrijheid is. In de gemeente Hardenberg hebben mensen hun verhalen met de gemeente gedeeld. Verhalen over de oorlog, de bevrijding en over wat vrijheid voor hen betekent. Elke maand leest u hier één van deze verhalen. Zo blijven we herinneren. En zo geven we vrijheid door aan elkaar en aan de generaties na ons.
Het verhaal van Chanita Hertogs
Tijdens de Tweede Wereldoorlog moest de Joodse Chanita Hertogs (90) onderduiken. Van haar huis in Amsterdam naar Haarlem, Rijnsburg, Apeldoorn en Dedemsvaart. In februari 1944 kwam ze op negenjarige leeftijd in Kloosterhaar terecht. “Hier beleefde ik mijn gelukkigste jeugd”, vertelt ze.
Toen ze in Kloosterhaar aankwam, was Chanita kaal. Op haar vorige onderduikadres probeerden ze haar Joodse uiterlijk te verbergen. Ze bleekten haar haar met waterstofperoxide. “Mijn haar verbrandde, omdat niemand wist dat je het moest uitspoelen.” Ze werd kaalgeschoren en kreeg een gebreide puntmuts. In het dorp vertelde ze dat ze luizen had en daarom kaal was. Chanita kreeg de naam Hannie Bos en werd als weesmeisje voorgesteld.
Niet hechten
In Kloosterhaar woonde ze bij Bertus en Catrien van Lingen. Zij hadden geen kinderen en gaven haar een zo normaal mogelijk leven. Ze ging niet alleen naar school, maar had ook vriendinnetjes en liep zonder angst door het dorp. “Het is de enige jeugd die ik me herinner.” Toch was Chanita zich voortdurend bewust van haar kwetsbare situatie. “Ik leerde me niet te hechten.” Afscheid nemen was een vertrouwd gevoel geworden en ze was altijd klaar om verder te trekken.
Getraumatiseerde moeder
Na de bevrijding haalde haar tante haar op. Het afscheid was zwaar voor Bertus en Catrien, maar Chanita zei gewoon: “Dag, ik ga.” Ze had geleerd haar emoties uit te schakelen. In Amsterdam trof ze haar zwaar getraumatiseerdemoeder aan. Haar vader had de oorlog niet overleefd. Hoewel haar moeder vertelde dat hij zou terugkomen, hoorde Chanita dat haar vader was overleden. Hij stierf tijdens een transport vanuit Bergen-Belsen, vlak voor het einde van de oorlog. “Mijn moeder was daarbij.”
Verhuizen naar Israël
Jaren later verhuisde Chanita met haardochter naar Israël, waar ze worstelde met haar identiteit. Ze dacht bovendien vaak dat haar verhaal niet belangrijk genoeg was om te delen. “We hadden immers niks meegemaakt, zei men vaak.” Later besefte ze dat ook onderduikkinderen veel hadden verloren: hun familie, hun thuis en hun gevoel van veiligheid. “Onze oorlog begon pas na de bevrijding.”
Waardevol verhaal
In Israël doet Chanita mee aan kleine herdenkingen, waar ze haar verhaal deelt. “Eerst dacht ik: wat moet ik vertellen? Ik heb niks meegemaakt. Nu weet ik dat mijn verhaal er ook toe doet.” In 2023 keerde ze terug naar Kloosterhaar, waar ze samen met haar dochter het Streekmuseum Kloosterhaar-Balderhaar bezocht. Het dorp is veranderd. Alleen de oude lindeboom waarmee ze al die jarengeleden op de foto ging staat er nog, als stille getuige van haar jeugd. De herinneringen aan Kloosterhaar zitten diep in haarhart. “Mijn gelukkigste jeugdherinneringen liggen daar.”
Opnieuw onzekerheid
Vandaag de dag leeft Chanita opnieuw in een land waar dreiging en onzekerheid dagelijkse kost zijn. “Als het luchtalarm gaat, moet ik binnen anderhalve minuut klaar zijn.” Rollator, telefoon, schoenen: alles ligt klaar naast haar bed. Desondanks blijft Chanita hoopvol. Door haarverhaal te delen, zorgt ze ervoor dat haargeschiedenis niet verloren gaat. Ze geeft een stem aan hen die lang stil bleven en houdt de herinnering levend voor iedereen die wil luisteren.








