
Verhalen op Zolder. Een verhaal dat bewaard moet blijven
wo 15 juli 2026 Hardenberg-Door: Bert Nonkes- Soms duikt er een verhaal op waarvan niemand meer met zekerheid kan vaststellen of alle details ooit nog bewezen kunnen worden. Toch zijn het juist zulke persoonlijke herinneringen die een waardevolle plek verdienen in de lokale geschiedenis. Albert Jan Nijeboer uit Oud Lutten wil daarom het bijzondere oorlogsverhaal van zijn grootvader vastleggen, voordat het voorgoed verloren gaat.
Volgens Nijeboer speelde het verhaal zich af in de beginjaren van de Tweede Wereldoorlog. Zijn grootvader Albert Nijeboer bezocht, zoals iedere week, de veemarkt in Zwolle. Daar ontmoette hij een Joodse veehandelaar die hem vroeg om hulp. De anti-Joodse maatregelen volgden elkaar snel op. De man zocht een veilige schuilplaats.
“Mijn opa was niet bang voor de Duitsers en besloot hem mee te nemen,” vertelt Nijeboer. Eerst verbleef de man een nacht in Oud Lutten. Daarna bracht Albert hem onder bij zijn broer Gerrit Willem Nijeboer en diens vrouw op een afgelegen boerderij in Ane. Daar leek de kans op ontdekking het kleinst.
Enkele maanden later sloeg het noodlot toe. De onderduiker werd ernstig ziek en overleed. Daarmee ontstond een levensgroot probleem. “Wat moest je doen met een overleden man die niemand mocht ontdekken?” zegt Nijeboer.
Volgens het verhaal besloten twee andere onderduikers bij de man in het geheim te begraven. Zijn lichaam werd in een doek en een koeiendek gewikkeld, afgedekt met stro en mest op een boerenkar, zodat niemand argwaan zou krijgen. Op een afgelegen plek achter de es bij Oud Lutten werd hij uiteindelijk begraven.
Het verhaal werd Nijeboer in 2004 verteld door Albert Strijker, één van de twee onderduikers die tijdens de oorlog op de boerderij van de familie Nijeboer verbleven. Hij hielp volgens zijn eigen relaas mee bij het vervoer van de overleden man. Later probeerden Strijker en Albert Jan Nijeboer de begraafplaats terug te vinden, maar door de ruilverkaveling en het veranderde landschap was de exacte locatie niet meer te achterhalen.
Nijeboer benadrukt dat hij het verhaal niet zelfstandig kan bewijzen. Zijn vader sprak er nooit over en ook de identiteit van de Joodse veehandelaar is onbekend gebleven. Toch twijfelt hij niet aan de oprechtheid van de getuigenis.
“Zo’n verhaal verzin je niet. Daarom vind ik dat het niet verloren mag gaan.”
Juist omdat steeds minder mensen uit de oorlogsjaren nog in leven zijn, vindt Nijeboer het belangrijk dat ook deze herinnering wordt vastgelegd. Niet als onomstotelijk historisch bewijs, maar als een indrukwekkend familieverhaal dat laat zien voor welke moeilijke en soms onmogelijke keuzes gewone mensen in oorlogstijd kwamen te staan.








