
Boer
wo 4 december 2019 even sTorenJarenlang vierde ik vakantie met mijn ouders op de Beerze Bulten. Het terrein schuurde tegen het land aan van mijn toekomstige schoonvader. Hoezo, toevallig? Ik was twaalf en het zou nog negen jaar duren voor ik mijn vrouw te zien kreeg. Op de PABO kregen we verkering en onvermijdelijk komt dan het moment van kennismaking met de potentiele schoonouders. De keuring. En natuurlijk waren alle zussen en zwagers er ‘toevallig’ ook. ‘Hij is wel lang en hij praat wel onduidelijk (Gronings)’.Na het eerste ongemakkelijke kopje koffie was het toch wel makkelijk dat ik er was. Er was namelijk een mankement in de gierkelder. Ik kon mooi even helpen. Zat er ergens nog een vraagteken in deze zin? Had ik überhaupt een keus? En zo stond ik, amper een half uur na de kennismaking met mijn schoonfamilie, in een stug ketelpak, letterlijk tot aan mijn nek in de stront. Dat durfde hij dan weer wel; viel ze niets tegen. Had ik om hulp geroepen, ze hadden mij wellicht niet verstaan maar ik heb het overleefd.Niet veel later werd ik, nog steeds enigszins gedesoriënteerd, op de trein gezet. Ik voelde me Mozes. In elke coupé waar ik verscheen, deinsden mijn medepassagiers achteruit. “Boer!†mompelde een nette dame. Yesss!
Bert Nonkes




