
Moedige redder uit Dedemsvaart
wo 5 maart 2025 HardenbergDe Historische Vereniging Hardenberg duikt voor deze krant regelmatig in haar archieven. Dit keer een artikel over een Dedemsvaarter die van het redden van mensen bijna een gewoonte heeft gemaakt.
Of hij even in de kantine van de NZH (voluit: de Noord-Zuid Hollandse Vervoer Maatschappij) zijn nieuwe uniform wilde demonstreren. Jan Hoeve, woonachtig in Dedemsvaart maar als buschauffeur werkzaam in Haarlem, vond het maar een vreemd verzoek. Maar in de jaren ’60 deed je wat je gevraagd werd en dus stapte hij zó van de bus de kantine in.
In de kantine was de 32-jarige Hoeve echter niet het middelpunt van een modeshow, maar van een huldiging. Die huldiging had hij te danken aan het redden van een peuter van amper drie jaar oud, op 11 november 1959. Jan Hoeve was op dat moment nog geen tien dagen in dienst van de NZH. Hij had vrouw en kinderen achtergelaten in Dedemsvaart, om door de week als leerling-buschauffeur te gaan werken in Haarlem.
Drenkeling
Die 11e november zat hij naast de buschauffeur op de lijn Haarlem-Leiden om les te krijgen in het rijden met de stadsbus. Toen ze op de Raamsingel reden zag hij plotseling een kind in het water van de stadsgracht liggen. Nadat zijn collega de bus had gestopt trok Jan Hoeve onder het lopen zijn zware leren jas uit, dook in het water en zwom met enkele krachtige slagen naar de overkant van de gracht, waar hij een jongetje in het water had zien vallen. Hij slaagde erin het kind, dat al enkele keren kopje onder was gegaan, op het droge te brengen. Het bleek de tweeënhalf jarige Peter van Exel te zijn, die in een onbewaakt ogenblik te water was geraakt. Een chauffeur van een vrachtauto bracht Jan naar zijn kosthuis, terwijl het jongetje naar het Grote Gasthuis werd gebracht ter observatie.
Huldiging
Tijdens de huldiging werd duidelijk dat Jan Hoeve vaker mensen had gered. Vijftien jaar eerder sprong hij in Slagharen in het water omdat een man dreigde te verdrinken, een paar jaar later schoot hij in Dedemsvaart twee drenkelingen te hulp en daarna redde hij in de buurt van Zwolle een slachtoffer van een aanrijding.
Groot cadeau
Natuurlijk kreeg Jan Hoeve die avond allerlei cadeaus, maar het mooiste cadeau had men bewaard tot na de pauze. Directeur Jurrissen van de busmaatschappij had mevrouw Hoeve laten overkomen. Toen zij naast haar man stond zei de directeur, dat hij van de gemeente een extra woning mocht toewijzen aan een personeelslid. Dat huis was voor Jan en zijn gezin. Eind maart 1960 konden zij Dedemsvaart definitief achter zich laten.





