
De nieuwe aardappelen bij van den Poll
di 2 juli 2024 HardenbergZe zijn er! Elk jaar weer, al zo’n dertig jaar lang, de nieuwe aardappelen. Ja, het was in die oude tijd dat akkerbouwer Evert Jan van den Poll zijn eerste nieuwe aardappelen ging poten. Van het ras Parel, een vroege soort en dé lekkere voorjaars aardappel. De nieuwe wel te verstaan. Die kwaliteit beviel hem van begin af aan goed. Vanwege de bijzondere smaak eigenschappen. En … hij wilde de traditie in stand houden. Elk jaar weer luidde hij een nieuw seizoen van aardappel eten in. Hij werd er specialist in. En waarom óok? Omdat de consumptieaardappelen uit de opslag van het vorige jaar in april/mei ‘versleten’ zijn, is zijn overtuiging. “Dan moet je er afscheid van nemen,” zegt Evert Jan.
Elke werkdag om 7 uur op de akker
Zeg dat wel, zegt dochter Bernadette daar vlak bij de Willem-Alexander brug. Zij deed toen ze vijftien was al vakantiewerk bij de buren Wilps. Aardappelen telen werd ook háar uitdaging, eigenlijk een hobby. Nu doet ze sinds 2003 als dochter van de landbouwfamilie de nieuwe aardappelen. Dat ‘doen’ begint uiteraard met het land voorbewerken en daarna het poten. Dit jaar was ze er al op tijd bij. Ze had geluk dat het toen net even mooi droog weer was. Het poten doet ze in vier etappes. “De eerste serie wordt afgedekt met plastic, als een soort kas idee,” zegt Bernadette, “om de groei sneller in gang te kunnen zetten.” Daarna worden elke paar weken weer opnieuw de Parel pootaardappelen in de grond gezet. Om voortdurend zo vers mogelijk en zes dagen per week de nieuwe aardappelen te kunnen aanbieden. Elke ochtend ligt ze een paar uur op de knieën op de akker om tot eind augustus de nieuwe aardappelen te rooien. Ja, met de hand! “En soms rooien en poten we tegelijk, het is dan even dubbel werk”, zegt ze.
Het is een hele klus ....
Bernadette: “Dat is het zeker. Maar dat zorgvuldig rooien draagt bij aan onze kwaliteit. Die willen we hooghouden en dat is heel belangrijk voor ons. Maar vooral voor onze schare trouwe klanten, een schare die zichzelf van horen zeggen uitbreid. We hebben ook nog nooit een andere soort nieuwe aardappel geprobeerd.” Vader Evert Jan daarover: “Deze Parel is echt een parel voor ons. Die aardappel is in alle opzichten zo goed. Met een andere soort lopen we alleen maar het risico om de eigen glazen in te gooien. Wij willen dat niet en onze klanten ook niet. Bernadette: “De eerste aardappelen gingen dit jaar al vroeg van de hand. Op 29 mei al! Maar vraag me niet hoe! Het was een heidens karwei. De rijpe nieuwe aardappelen moesten door de vele regen drijfnat uit het zand gerooid worden. Van die oogst hebben we in de buitenlucht hier op de staart eerst al het zand moeten afspoelen. Als we dat niet gedaan hadden, zou de schrapmachine eraan ten onder gegaan zijn.”
De schrapmachine kwam uit Heemse, je kunt niet zonder
Die werd daar dertig jaar geleden overgenomen van Pierik levensmiddelenwinkel. En daar doen ze het nog steeds mee. Bernadette onderhoudt de schrapmachine heel zorgvuldig, dat heeft ie nodig. En hij doet het nog steeds prima, maar je weet maar nooit wanneer er een ander moet komen. Trots laat ze de schrapsteen zien die erin ronddraait en draait ze een demo. De watertoevoer staat al open als een emmertje nieuwe aardappelen, zo van het veld erin gaat. Tijdens het schrappen vult ze met de slang voortdurend schoon water toe. Haar vakvrouw ogen zien wanneer ze goed geschrapt zijn en wanneer ze in helder schoon water glanzend en wel uit de machine komen. Klaar voor de afname. Ze is elke keer weer blij met elke portie mooie nieuwe aardappelen zoals ze zich in de emmers laten zien. Een mooi product.
Klanten inlichten wanneer ze er zijn?
Evert Jan: “Vroeger had je de nieuwe aardappelen van de koude grond nooit voor de langste dag. Maar tijden veranderen, het klimaat verandert. Dit jaar waren ze dus meer dan drie weken eerder. En moesten we ons haasten om de eerste advertenties in De Toren te zetten. Ook dat is traditie. Maar is het eigenlijk wel nodig? vraag je je soms af. Want in de weken vooraf bellen veel klanten al zelf op of ‘ze er alweer zijn’. Dan gaat de telefoon de hele dag door. Dat vinden we ook best wel fijn. En we vergeten dan ook dat het in feite arbeidsintensief werk is om ieder jaar weer zo ontzettend veel mensen tevreden te mogen stellen. Dat hoort bij ons vak. En zo is het.”





















