
Reactie Saxenburgh op uitspraak in beschikbaarheidsvergoeding SEH
vr 6 februari 2026 HardenbergSaxenburgh Medisch Centrum (SMC) en het Wilhelmina Ziekenhuis Assen (WZA) ontvangen geen beschikbaarheidsbijdrage voor hun spoedeisende hulp (SEH). Dat is de uitspraak deze week in de rechtszaak die beide ziekenhuizen hadden aangespannen. Hierbij de reactie van Saxenburgh op dit besluit.
Achtergrond
In Nederland kan elke SEH een financiële bijdrage aanvragen in de vorm van een beschikbaarheidsbijdrage. Belangrijke voorwaarde hierin zijn de aanrijdtijden. Voor elke inwoner in Nederland wordt 45 minuten gehanteerd als maximale aanrijtijd. Is de SEH van het ziekenhuis daarvoor nodig, ontvangt het ziekenhuis een beschikbaarheidsbijdrage. Deze hebben Saxenburgh Medisch Centrum (SMC) en het Wilhelmina Ziekenhuis Assen (WZA) nooit ontvangen omdat de aanrijtijd van 45 minuten in theorie ook zonder deze ziekenhuizen geborgd is. In de praktijk zien de beide ziekenhuizen dat zij een onmisbare rol hebben in het leveren van spoedzorg in de regio. Saxenburgh ontvangt bijvoorbeeld voor spoedzorg voor verloskunde wel een bijdrage hiervoor. Dit systeem in Nederland leidt tot een ongelijk speelveld. Dit is de reden dat beide ziekenhuizen deze rechtszaak hebben aangespannen.
Hans Gellekink, Raad van Bestuur Saxenburgh: “Het beschikbaar hebben en houden van de spoedeisende zorg (SEH) is als de brandweer die klaar staat om uit te rukken. De brandweer krijgt niet per gebluste brand betaalt, maar een basisvergoeding om altijd paraat te staan. Saxenburgh ontvangt voor de SEH zorg een bedrag per patiënt/behandeling en geen basisvergoeding om beschikbaar te zijn. Bij kleinere ziekenhuizen dekt dit niet de kosten die we maken om de SEH 24/7 open te houden. Dit geeft een ongelijke speelveld in het vergoeden van deze zorg. Onze spoedeisende hulp is ontzettend belangrijk voor onze regio. Het is een onmisbare schakel in de zorg waar samenwerking nodig is. Ondanks deze uitspraak blijft Saxenburgh uiteraard deze spoedzorg leveren, daar is geen discussie over. We zien gelukkig bij de politiek in Den Haag dat er steeds meer aandacht en erkenning is voor deze problematiek. De eerste stappen naar een nieuwe vorm van financiering voor de acute as waarbij beschikbaarheid centraal staat, zijn landelijk gezet”.









