
Vast in eigen dorp
vr 6 maart 2026 Onder ons“Sorry, ik kan niet komen, de bussen rijden dan niet meer!” Het is zo vervelend hoe vaak ik dit moet zeggen. Vanaf Dedemsvaart rijden er alleen een paar bussen, en de meesten kan je ‘s avonds niet eens pakken. Wanneer je geen auto kan rijden kan je je soms gevangen voelen in je eigen dorp. Met elke verandering wordt het er alleen maar erger van en ik ben het zat.
Om even een beeld te schetsen: vanaf Dedemsvaart kan je richting Zwolle, Hoogeveen, en Slagharen/Coevorden (en via deze met een overstap ook naar Hardenberg). Dit zijn de steden waar ook meer dingen te doen zijn, dus helemaal top dat we daar heen kunnen! Helaas kan ik vaak toch niet activiteiten bijwonen, want ‘s avonds rijdt alleen die ene bus van en naar Zwolle. Even een bioscoopje pakken? Moet je wel een uur naar Zwolle rijden want anders kan je niet terugkomen zo laat. Alleen voor plannen overdag kan ik naar de andere steden, maar ja, dan moeten de meesten werken. Even naar een feestje, bijeenkomst, of gewoon op de koffie gaan kan dan niet.
Kijk, ik kan makkelijk zeuren. Binnenkort ga ik mijn rijbewijs halen en dan kras ik er wel met auto naartoe, maar niet iedereen heeft die mogelijkheid en daarom zeur ik ook namens hen. Denk hierbij aan jongeren die te jong zijn om auto te rijden, of juist oudere mensen die niet meer kunnen of mogen rijden. Ook zijn er mensen die niet eens in de buurt van een bushalte wonen en dus al helemaal vast zitten. Laatst hebben ze de busroutes veranderd waardoor er minder haltes zijn, wat erg vervelend is als je bijvoorbeeld slecht te been bent en je bus dan niet meer dicht bij je langs komt.
Maar wie beslist dit dan? Is dit de busmaatschappij zelf die met deze onhandige veranderingen komt, of komt dit ook door de gemeente? Dit is een voorbeeld waarom de aankomende gemeenteraadsverkiezingen belangrijk kunnen zijn: deze veranderingen merk je het snelste op. Ik ga zeker letten op de partijen die het openbaar vervoer toegankelijker willen maken, juist voor de mensen die niet zonder kunnen.
Jolanda Zweers








