
Toon Visser over 50 jaar TT-ervaring
wo 3 juni 2026-Door: Bas Schipper- De ronkende motoren, de geur van verbrand rubber en de eindeloze stoet motorrijders op de A28; voor veel inwoners van de regio Hardenberg is de TT Assen het hoogtepunt van het jaar. Dit jaar is de race weer van 26 t/m 28 juni. Voor Toon Visser (66) uit Vroomshoop is de magie er echter wel een beetje vanaf. Na bijna vijftig jaar trouwe aanwezigheid kiest hij dit jaar voor de televisie.
Terwijl Toon vol passie vertelt over zijn herinneringen, springt er plotseling een viervoeter op zijn schoot. De kat begint luid spinnend kopjes te geven en eist alle aandacht op. "Dit is Rossi," lacht Toon trots, terwijl hij het dier achter de oren krabt. "Hij is natuurlijk vernoemd naar de legendarische Italiaanse coureur Valentino Rossi." Het typeert de rasechte liefhebber: het hele leven van deze inwoner uit Vroomshoop staat al sinds zijn jeugd in het teken van de motorsport. Zelfs nu hij net terug is van een paar dagen toeren rond de Moezel op zijn Honda Transalp, raakt hij niet uitgepraat over 'zijn' sport.
Toons liefde voor het iconische evenement in Assen begon allemaal in 1976. Als 16-jarige jongen woonde hij destijds in Enschede, vlak achter een bekende motorzaak. De interesse voor techniek en snelheid was er dus al vroeg bij hem ingegoten. In die tijd was er nog geen internet om informatie op te zoeken. Toon ging daarom ouderwets naar de bibliotheek om alles over de TT te lezen. Het leek hem een geweldig avontuur om daar eens zelf bij te zijn. Zijn vader was streng maar rechtvaardig: als hij wilde gaan, moest hij er zelf voor sparen. Een toegangskaartje kostte destijds 25 gulden, wat in die tijd een klein fortuin was voor een tiener.
Het wordt een memorabele eerste editie voor de jonge Toon. Het was die dag in juni extreem warm, wel 32 graden op het circuit. Toon herinnert zich nog goed dat de hitte bijna ondragelijk was; je kon toen voor één gulden een simpel glaasje water kopen bij de omwonenden die langs de route woonden. Zijn vader bracht hem die eerste keer met de auto, en onderweg keek hij zijn ogen uit naar de enorme stoet motoren op de snelweg. Daar, ergens tussen Enschede en Assen, ontstond direct zijn eigen grote droom om zelf motor te gaan rijden.
Toon hield woord. Zodra hij 18 jaar werd, ging hij op de eerste de beste dag naar het politiebureau om zijn oefenvergunning te halen. Zijn allereerste motor was een bescheiden Honda CB200 met slechts 17 pk. "Geen snelle machine, maar ik was de koning te rijk," vertelt hij. De jaren daarna werd de gang naar Assen een vaste traditie met een hechte vriendengroep. De sfeer was in die begintijd onvergetelijk. Omdat een oom van een van zijn vrienden vlakbij het circuit woonde, mochten de jongens daar in de hooischuur slapen. "De boer stond 's ochtends vroeg al klaar met een grote platte kar om ons naar de baan te brengen. 's Avonds werden we weer opgehaald en vierden we feest op de deel. Dat was de echte TT-beleving."
Commercieel circus
Toon zag het evenement door de decennia heen echter veranderen. Hij bezocht de races jarenlang vanaf de taluds, de grasheuvels langs de baan. Tegenwoordig vindt hij de sfeer minder gemoedelijk. "Het is harder geworden onderling. Vroeger was iedereen voor elkaar, nu zie je soms mensen juichen als er iemand valt. Dat doet pijn aan het sporthart." Ook de prijzen spelen een grote rol in zijn besluit om dit jaar thuis te blijven. "Het is een commercieel circus geworden. Een biertje kost zes euro en de kaartjes zijn inmiddels zo duur dat het voor veel mensen gewoon niet meer leuk is. Dat houdt me echt tegen om te gaan."
Hoewel de rit naar Assen toe nog altijd prachtig is, Toon geniet nog steeds van de aanblik van duizenden motoren bij de lus van Hoogeveen, kijkt hij dit jaar vanaf de bank. Vorig jaar vond hij het mooi geweest. Hij gaat nu liever zelf rijden of geniet van de rust in Vroomshoop. En Rossi de kat? Die vindt het allang best. Die ligt tijdens de race gewoon lekker spinnend op schoot bij zijn baasje, terwijl de motoren op het scherm voorbij razen.