Hardenberg

STO zet in op versterking van technisch beroepsonderwijs

Door de redactie

Gekwalificeerd personeel op het gebied van automatisering, industrialisatie, robotisering, maar ook circulair bouwen of energietransities. Dat zijn belangrijke onderwerpen waar het bedrijfsleven in de regio vandaag de dag behoefte aan heeft. Tegelijk zijn het onderwerpen, die in het huidige reguliere onderwijs nog te weinig aan bod komen. Daar willen wij met behulp van het nieuwe project STO (Sterk Techniek Onderwijs) verandering in brengen. Technologische ontwikkeling is in het algemeen voor iedereen heel belangrijk, maar voor leerlingen in het VMBO in het bijzonder", vindt Jan ten Napel. Hij is coördinator van STO, dat afgelopen week van start ging met een bijeenkomst in het gemeentehuis.

Jan weet als techneut goed waar hij over praat. De geboren Bergentheimer begon zijn arbeidscarrière ooit zelf als automonteur, werkte zich op tot docent autotechniek/wiskunde bij het Vechtdal College in Hardenberg, waar hij nog steeds werkzaam voor is. "Ik heb het altijd een uitdaging gevonden om vakbekwaam te worden, leerlingen iets te leren. Ik geef momenteel geen les meer, maar richt me nu volledig op ontwikkelingen voor Sterk Techniek", aldus de 50-jarige onderwijsman, die benadrukt dat een technologisch onderwijsaanbod niet hoeft te betekenen dat leerlingen allemaal (harde) technische mensen moeten worden. "Bij vrijwel elk beroep heb je te maken met een vorm van technologie en dat wordt in de toekomst alleen maar belangrijker".

STO is een projectplan, gebaseerd op de komende vier jaar. Het kabinet heeft in het regeerakkoord structureel 100 miljoeneruro uitgetrokken voor dekkend en kwalitatief hoogstaand techniekonderwijs op het vmbo. Vanaf januari 2020 krijgen regio's dan ook geld om te werken aan sterk, aantrekkelijk en innovatief techniekonderwijs, dat leerlingen goed voorbereidt op een opleiding en werk in de regio. Met name het Vechtdal College Hardenberg, Greijdanus Hardenberg en het Vechtdal College Ommen gaan op basis daarvan samenwerken aan versterking van het technisch beroepsonderwijs in de regio Noordoost Overijssel met het project STO. Ons doel is dat meer leerlingen kiezen voor een technisch profiel en goed voorbereid zijn op een technische vervolgopleiding in het mbo", aldus ten Napel. Hij geeft aan dat ook de vmbo-scholen in de regio met een D&P profiel (Dienstverlening en Producten) zijn aangesloten bij het project. "We werken samen aan een goed beeld van de vele mogelijkheden in de techniek. We hebben al mooi techniekonderwijs in onze regio maar we hebben ook ambitie. Zo zetten alle vo-scholen in op een programma-aanbod, waarbij leerlingen kennis maken met (nieuwe) technologie". Volgens de projectleider hebben veel bedrijven inmiddels al aangegeven een steentje bij te willen dragen. "Ook mbo's en opleidingsbedrijven zijn aangehaakt. Samen werken we aan de versteviging van het netwerk, waarin we kennis delen en een up-to-date doelmatig onderwijsaanbod in de regio ontwikkelen dat bovendien betekenisvol is".

Contacten intensiveren

"Extra begeleiding in de praktijkruimte is één van de speerpunten. Hierdoor hebben we meer aandacht voor de leerling en wordt ook hybride leren (een combinatie van het schoolse leren met het leren in de beroepspraktijk) mogelijk gemaakt. Leerlingen leren veel binnen de muren van de school, maar de echte praktijk mag natuurlijk niet ontbreken, hiervoor willen we de contacten met het bedrijfsleven intensiveren. Bedrijven stellen betekenisvolle stageplaatsen beschikbaar, denken mee met de ontwikkeling van de leer- en onderwijsplannen (curricula) of bieden gastdocenten aan. Samen werken we aan doorlopende routes van vmbo naar mbo".

W&T in primair onderwijs

Hij geeft aan dat Wetenschap en Technologie in het basisonderwijs een plaats zal krijgen in het leer- en onderwijsplan. "STO wil samen met het Fablab Hardenberg en de basisscholen uit de regio onderwijs ontwikkelen, waarbij leerlingen in aanraking komen met nieuwe technieken. Daarnaast wil STO basisscholen ontzorgen bij de invoering van Wetenschap en Technisch onderwijs en wil zij zorgdragen voor borging van het programma'".