even sToren

'Viswijf'


Hengelsportwinkels deden de afgelopen tijd goede zaken. Hele scholen jongeren scholen samen langs de waterkant. Er was geen school, het was mooi weer, je kon niet uit, wilde je vrienden zien. Dus kocht je een hengel en plonsde er op los. Amateurs... de vissen dreven ondersteboven van het lachen aan hen voorbij.
U begrijpt: ik ben een echte visser. Ik vang altijd. Soms zelfs bot. Maar ik behoor niet de allerechtste vissers. De allerechtste vissers zijn karpervissers. Nachtenlang liggen ze gecamoufleerd te wachten op dat ene zoetwatervarken. Dat kost menigeen zijn relatie. Terecht. De op een na echtste vissers - waar ik tot nu toe ook niet toe behoor - zijn de vissers die vissen ten koste van hun partner. Vrouwen vissen steeds vaker, maar het zijn toch nog steeds veelal de dames die door manlief worden meegesleept naar de waterkant.
Ik vind dat niet kunnen. U kent dat wel: dan zitten ze daar met hun boek, breiwerkje of telefoon op een klapstoeltje verloren naast manlief die op een platform een soort viscockpit heeft ingericht. Je hoort ze gapen en ziet ze denken: wanneer is dit voorbij? Nooit, want met vissen is het als in het café: nog eentje. Ik heb mijn vrouw nog nooit meegenomen naar het water. Nee, zo´n barre echtgenoot ben ik niet. Dat kun je niet maken. En ik ga altijd ook maar kort. Niks karpers, even een paar voorntjes prikken en weer naar huis. Nou vooruit, nog eentje dan.
Maar onlangs kantelde mijn wereldbeeld. Ik sprak een vrouw die vertelde dat ze zomers graag aan het water een boek leest. Ze neemt haar man mee en die gaat dan vissen. Ik realiseerde me ineens dat mijn vrouw ook erg van lezen houdt. En van de natuur. En van water. Ik ga haar helpen zich te ontplooien. Ik voel het: het wordt een geweldige zomer.
Adrian Verbree