even sToren

Bewust roddelen






Ik droom soms van mijn begrafenis. Om wat specifieker te zijn: mijn herdenkingsdienst. Wie komt, wie niet en waarom niet? Maar het nieuwsgierigst ben ik naar wat er over mij wordt gezegd. Niet tijdens de dienst, over de doden niets dan goeds (“Goed, dat-ie dood is..”). Nee, in de rij of bij de koffie met cake. Daar worden geen sociale filters toegepast. Jammer, dat ik daar niet meer bij kan zijn, of wel, je weet het niet.
De samenvattende roddel van mijn bestaan. Ik vermoed dat ik vaak zal denken: ‘Had het toch eerder gezegd. En rechtstreeks tegen mij. We hadden er samen wat aan gehad.’
Ik kom hierop omdat mijn goede voornemen van dit jaar was: alleen over mensen praten als ze deelnemen aan het gesprek. Was mijn voornemen, ja, ik kan u melden dat het ondoenlijk is. En, na enig onderzoek, onnodig. Roddelen heeft een aantal nuttige functies. Zo versterkt roddelen het ‘wij-gevoel’, zal je te horen krijgen wat wel en niet kan binnen de bestaande groep en zal roddelen de grip op wat er om je heen gebeurt, versterken.
Toch blijft er een negatief sfeertje om roddelen heen hangen. We praten over de ander zonder dat de ander zich kan verdedigen. Het ‘wij-gevoel’ is gebaseerd op uitsluiting. En waar wij praten over deze of gene, zullen we in een andere groepssamenstelling ongetwijfeld zelf ook aan de beurt komen. Sommigen kan dat niets schelen. Mijn opa, bijvoorbeeld. Iedereen in de familie wist dat hij de jeneverfles leegzoop als oma er niet was. Alle ooms en tantes spraken er schande van maar niemand had de euvele moed om hem ermee te confronteren. Men zag voldoende oplossing in de aanschaf van kleinere flessen.
Afijn, laten we dit afspreken: als we over iemand roddelen dan sluiten we af met een compliment aan diegene.
Gelukkig nieuwjaar!